Mathias Clermons
1755-1808

Vernoemd naar zijn grootvader, maar vanuit de Proband gezien is Mathias Clermons zelf de betovergrootvader. We zijn beland in het midden van de 18e eeuw en de weg van familiehistorie loopt ook meer naar het midden van Limburg.
Mathias Clermons, geboren, getogen en heel zijn leven woonachtig
in het Limburgse dorp Beek.
Met zijn vrouw Anna Sporck kreeg hij minimaal 10 kinderen.
Bij het geven van namen is een duidelijke vernoemingstraditie zichtbaar:
-
De eerste werd vernoemd naar zijn grootvader - Mathias' vader - die vier jaar eerder was overleden
-
De volgende kinderen kregen de namen van zijn broer en zussen
-
Daarna volgden de namen van de ouders van zijn vrouw Anna
-
Vervolgens de naam van Mathias' moeder
-
De laatste zoon kreeg de naam van de eerder gestorven oudste zoon - een eerbetoon dat vaker voorkomt in deze periode.
De enige naam in het gezin waarvan we de herkomst niet met zekerheid
kunnen herleiden, is die van Joannes - onze directe voorouder.
Geboortenaam
Mathias Clermons
Anna Catharina Sporck
Petrus Clermonts
Sebastianus Clermonts
Maria Elisabeth Clermons
Anna Maria Clermonts
Anna Clermonts
Leonardus Clermonts
Marie Catherine Clermonts
Joannes Clermonts
Maria Clermons
Petrus Cleermons
Doop datum
28-02-1755
01-01-1752
20-06-1777
02-08-1778
14-09-1780
16-10-1782
01-09-1783
19-02-1786
19-07-1788
07-09-1790
26-06-1794
14-01-1798
Geboorteplaats
Beek
Beek
Beek
Beek
Beek
Beek
Beek
Beek
Beek
Beek
Beek
Beek
Overlijdingsdatum
12-02-1808
06-06-1816
21-05-1785
..-..-....
15-02-1857
17-10-1782
..-..-....
10-07-1827
25-01-1861
12-10-1866
06-09-1832
..-..-....
Overlijdingsplaats
Beek
Beek
Beek
................
Maastricht
Beek
................
Beek
Maastricht
Maastricht
Beek
................
Getrouwd met
A.C. Sporck
M. Clermons
A. van Korven
J. Frémont
E. Hermans
C.L. Janssen
M.E. Smeets
Trouwdatum
09-02-1777
09-02-1777
27-11-1823
07-07-1808
12-10-1812
21-02-1814
12-10-1820
Bijzonderheden
Sint Martinus Parochie
8 jaar oud geworden
1 dag oud geworden
J. Frémont overleden in gevangenis
In de tweede helft van de 18e eeuw was Beek een klein, maar strategisch gelegen dorp in het zuiden van het huidige Limburg.
Het lag op een belangrijke doorgangsroute tussen Maastricht en Duitsland, wat zorgde voor levendige handel, maar ook militaire aanwezigheid.
In deze periode had Beek vooral een agrarisch karakter, met boerderijen verspreid over de glooiende heuvels en akkers.
Het dorp behoorde destijds tot het hertogdom Gulik, later Oostenrijks Gelre en kende dus een sterk katholiek karakter, met het religieuze leven rond de kerk als middelpunt van de gemeenschap.
Beek kende in deze tijd een bescheiden bevolkingsgroei, en het dagelijks leven werd grotendeels bepaald door de seizoenen en het werk op het land. Boerengezinnen vormden de kern van de samenleving, en veel mensen verdienden hun brood in de landbouw, als dagloner of ambachtsman.
Door de gunstige ligging langs de handelsroute tussen Maastricht en Aken was er ook een beperkte mate van handel en reisden marskramers, pelgrims en soldaten geregeld door het dorp.
Twee keer getrouwd
Mathias Clermons en Anna Catharina Sporck trouwden op 25 januari 1777 met elkaar.
Echter, ruim 2 weken later op 09 februari 1777 trouwden ze wederom. Deze keer in de Rooms Katholieke
Sint-Martinus Parochie te Beek (Limburg) en de eerste keer voor de hervormde gemeente in hetzelfde dorp.
En dat deden de ouders van Mathias overigens een kwart eeuw eerder ook. Wat was hier aan de hand?
Oorzaak was een delingsverdrag in Hertogdom Limburg tussen Nederland en Spanje. Het dorpje Beek werd hierdoor Staats en dat hield in dat ook katholieken voor de dominee moesten trouwen, op straffe van een fikse boete.
Katholieken trouwden daarna voor de pastoor.
Enigszins te vergelijken met tegenwoordig burgerlijk en kerkelijk huwelijk.
Als je niet voor de hervormde gemeente ging trouwen kreeg je een boete van de schout (protestant!) wegens "vleselijke conversatie buiten het huwelijk" want de staat erkende het katholieke huwelijk niet!
De boete kon betekenen dat goederen geconfisqueerd werden.
In dit geval waren Mathias en Anna al 5 maanden zwanger van hun eerste kind. Ze hadden er goed aan gedaan om eerst voor de dominee (die meestal geen contact had met de katholieke inwoners) en daarna voor de pastoor (die zijn parochianen wel kon) te trouwen.
Aan de Kerk


Eind 18e eeuw vond er een bevolkingstelling plaats. In deze tijd woonde Mathias Clermons aan de kerk te Beek,
2 deuren naast zijn moeder. Zijn beroep was barbier, oftewel kapper en zijn vrouw, waarvan de roepnaam Catharina was, deed huijswerk (huishoudelijk werk en/of voor de kinderen zorgen).
Hun oudst levende zoon Bastiaan was net als zijn vader barbier en hun oudste dochter die Liesbeth genoemd werd was (op haar 15e) spinner.
Daarnaast woonde er nog 5 kinderen onder de 12 jaar. De jongste (Peter Cleermons) moest op dat moment nog geboren worden.
Sint Martinuskerk
De Sint-Martinuskerk is gelegen aan de Burgemeester Janssenstraat, aan het uiteinde van de straat Markt. Ten oosten van de kerk ligt de straat Achter de Kerk en aan de zuidzijde begint de Sint Martinusstraat.
In 1250 werd hier de eerste kerk gebouwd. Dit was een gotische pseudobasiliek met een westtoren. In de periode 1633–1835 werd de kerk gebruikt als simultaankerk, waarbij rooms-katholieken en protestanten het kerkgebouw samen gebruikten.
In 1883 werd vastgesteld dat de oude kerk te bouwvallig was geworden waarna in de periode 1888–1910
de huidige kerk werd gebouwd.
Meerdere leden van de familie Clermont(s) zijn in de 18e eeuw in de oude kerk gedoopt en/of getrouwd, waaronder twee directe voorouders.
-
09-02-1777
Matthias Clermonts en Anne Catherina Sporck
Getuigen: Sebastianus Clermons en Anna Vreen -
11-10-1757
Petrus Clermons en Maria Catharina Peters
Getuigen: Nicolaus Lemmens en Gertrude Odekerken
Meerdere voorouders woonden in de directe omgeving van de kerk. Waar vroeger de straatnaam Aan de Kerk was, zijn tegenwoordig de straatnamen Achter de Kerk en Achter de Beek de straatnamen grenzend aan de Sint Martinuskerk.

Hij laat zich de kaas niet van het brood eten
8 september 1787 verscheen Matthijs Clermons samen met zijn vrouw Anna Sporck
voor de lokale bank van Beek met een bijzondere verklaring.
Hij had sinds 1778 verschillende soorten wittebrood vanuit Maastricht en Meerssen
ingevoerd en verkocht in Beek. Plots kwam er een bankbode aan met de boodschap dat
de molenaar van het nabijgelegen Geleen, Willem Smetsers, eiste dat Clermons voortaan
een zestiende van de waarde aan hem zou afdragen — zogezegd als "molenrecht".
Hoewel Clermons aanvankelijk enkele keren betaalde, begon hij zich te verzetten tegen
deze heffing. Kort daarna trof hij de molenaar, toevallig op de weg naar Sittard.
“Waarom moet ik ineens betalen?” vroeg hij. Smetsers lachte: “’t Is maar voor het recht,
het gaat me niet om het geld. Kom mee, we praten erover in Geleen.”
Samen gingen ze op pad en onder het genot van een borrel jenever werd de zaak besproken.
Volgens de molenaar moest Clermons nog tien oortjes betalen, maar als gunst liet hij het ditmaal zitten.
Enige tijd later kwam er nog een moment dat Clermons naar de molen werd geroepen, waar hij aan de vrouw van de molenaar onder protest vijf stuiver betaalde.
Kort hierna ontving Clermons bericht van burgemeester Bausch van Beek met de verklaring dat zulke betalingen niet wettelijk verplicht waren.
De Geleense molenaar zette echter door en uiteindelijk werd Clermons wederom naar de molen geroepen,
waar hem eerst werd gevraagd of hij 18 manden kon maken voor hun. Dit was mogelijk omdat hij ook mandenmaker was.
Tevens trof hij onverwachts meteen daarna in de molen een klein comité van notabelen en de molenpachter zelf.
Daar werd hij onder druk gezet om een schriftelijke verklaring af te leggen ten gunste van de molenaar.
Clermons weigerde beleefd met de woorden dat hij alleen voor zijn bevoegde rechter en binnen Beek een verklaring zou afleggen. Hij vertrok zonder iets te tekenen.
Gedurende deze periode bleef Clermons wittebrood en allerlei soorten peperkoek van uit Maastricht verkopen.
Uit vrije wil en om toekomstige zaken te voorkomen deed Clermons deze verklaring voor de Bank van Beek
Deze gebeurtenis toont niet alleen hoe fel lokale handelsbelangen verdedigd werden, maar ook hoe gewone burgers zoals Clermons hun rechten wisten te behouden tegenover machtigere partijen.


